Procedurenummer 16/3048 Wtra AK
Niet betalen opgelegde boete. Tijdelijke doorhaling voor 1 maand.

 

Procedurenummer 16/1862 Wtra AK
Een in 2007 uitgeschreven accountant (de vader van betrokkene) was tot die tijd de accountant van klaagsters en heeft daarna vanuit het kantoor waaraan ook betrokkene is verbonden, adviserende werkzaamheden voor klaagsters verricht met betrekking tot de fiscaalrechtelijke aspecten van een herstructurering. Klaagsters klagen over dit advies omdat het heeft geleid tot een hogere aanslag vennootschapsbelasting over 2012. Betrokkene is de accountant van klaagsters en heeft een samenstellingsverklaring afgegeven bij de jaarrekening over datzelfde jaar. Onderdeel van het accountantsverslag is een fiscale positie met een berekening van het belastbare bedrag. De aangifte vennootschapsbelasting is gedaan door de fiscale afdeling van het accountantskantoor. Betrokkene is in de gegeven omstandigheden niet vaktechnisch verantwoordelijk voor het advies ook niet indien hij de aangifte heeft overgenomen in de fiscale positie aangezien hij daarmee niet verantwoordelijk wordt voor die aangifte. Klacht ongegrond.

 

Procedurenummer 16/2091 Wtra AK
De controlerend accountant moet controlewerkzaamheden uitvoeren die zijn gericht op het onderkennen van rechtszaken en die mogelijk een risico van een afwijking van materieel belang doen ontstaan. Onbevoegdheid van het bestuur van een entiteit vormt onmiskenbaar een zodanig risico. Het feit dat in verschillende lopende procedures de stelling werd ingenomen dat het bestuur van de entiteit niet bevoegd was, had voor betrokkene aanleiding moeten zijn om stil te staan bij de bevoegdheid van dit bestuur en zich een oordeel daarover te vormen. Betrokkene stelt dat hij dit heeft gedaan aan de hand van gesprekken met het bestuur en het inzien van stukken. Er blijkt echter niet van enige vastlegging van deze gesprekken en de gestelde inzage, hoewel betrokkene wel tot die vastlegging gehouden was. Nu voor een beoordeling van de risico’s van een eventuele onbevoegdheid van het bestuur juridische kennis vereist is, kon daarnaast van betrokkene verlangd worden dat hij een juridisch deskundige had geraadpleegd en deze had gevraagd naar zijn mening over de onbevoegdheid en naar de te verwachten uitkomst van deze procedures. Waarschuwing.

 

Procedurenummer 15/2252 Wtra AK
Klager (belegger in commanditaire vennootschappen die eigenaar zijn van vakantieparken met huisjes die verhuurd worden) klaagt dat controlerend accountant geen goedkeurende verklaring had mogen afgeven bij jaarrekeningen omdat er onder de post debiteuren niet bestaande vorderingen op de huurder zijn opgenomen. De Accountantskamer stelt vast dat betrokkene gezien de controle-informatie waarover hij beschikte de verwerking van het in 2014 voor het eerste halfjaar van 2015 aan de huurder in rekening gebrachte bedrag, het daarvan in 2014 ontvangen bedrag en het daarvan in 2015 nog te betalen bedrag in de jaarrekening over 2014 als niet onaanvaardbaar heeft mogen beschouwen, aangezien met deze verwerking geen onjuist beeld wordt gegeven van de verrichte en nog te verrichten prestaties op grond van de huurovereenkomst en aangezien van deze wijze van verwerking geen invloed uitgaat op het vermogen en het resultaat van de commanditaire vennootschap. Klacht ongegrond.

Procedurenummer 16/1239 Wtra AK
Accountant legt rapport van een andere accountant zonder toestemming over in een procedure bij het CBb. Dat is in strijd met het beginsel van integriteit. Accountant schrijft daarna brief aan het CBb waarin hij verzoekt een eerdere brief van zijn advocaat aan het CBb (die daarin het hiervoor bedoelde rapport terugtrekt uit de procedure bij het CBb) als niet verzonden te beschouwen. Het schrijven van deze brief is gebeurd met de kennelijke bedoeling het CBb ertoe te bewegen de brief van de advocaat te negeren. Daarom is ook het sturen van deze brief aan het CBb in strijd met het beginsel van integriteit. Beide handelingen zijn ook in strijd met het beginsel van professionaliteit.
Accountant handelt ten derde male in strijd met beginsel van integriteit doordat hij in een e-mailbericht aan een klant geen melding maakt van het feit dat een door hem afgegeven inbrengverklaring (die in het e-mailbericht wordt gehandhaafd) ter discussie staat in een klachtprocedure bij de Ack.
Definitieve doorhaling voor zes maanden.

Procedurenummer 16/2213 Wtra AK
Geschil voortvloeiende uit overdracht van een deel van een accountantspraktijk aan een administratiekantoor. De overdragende accountant moet daarbij eerlijk en oprecht optreden. Ruime uitleg van artikel 3, tweede lid VGBA. Klacht in casu ongegrond.

Procedurenummer 16/2454 Wtra AK
Tuchtrechtelijke norm voor de accountant die als bindend adviseur optreedt. Voor het tuchtrecht heeft evenals in het civiele recht te gelden dat de positie die een bindend adviseur-accountant dient in te nemen met zich brengt dat aan deze de benodigde beoordelingsruimte dient toe te komen bij de (wijze van) invulling en uitvoering van de opdracht. Het fundamentele beginsel van objectiviteit vergt van een accountant die als bindend adviseur optreedt, dat de accountant onafhankelijk en onpartijdig optreedt in de zin zoals deze begrippen moeten worden verstaan op grond van de jurisprudentie van de civiele rechter.

 

Procedurenummers 16/243, 16/244, 16/972 en 16/973 Wtra AK
Bestuurders van een accountantsorganisatie voeren verweer in een tegen de accountantsorganisatie aangespannen civiele procedure. Wat betreft de door hen of namens hen in die procedure ingenomen standpunten geldt het volgende: Volgens vaste jurisprudentie van de Accountantskamer kan het door een accountant in zijn zakelijke betrekkingen - al dan niet in rechte - innemen van een civielrechtelijk standpunt, behoudens bijzondere omstandigheden, in het kader van de door hem in acht te nemen fundamentele beginselen van integriteit en professionaliteit, niet tot een gegrond tuchtrechtelijk verwijt leiden. Van dergelijke bijzondere omstandigheden is onder meer sprake indien geoordeeld zou moeten worden dat een door een accountant ingenomen standpunt bewust onjuist of misleidend, en dus te kwader trouw, blijkt te zijn of naar zijn aard bezien door een objectieve, redelijke en goed geïnformeerde derde, die over alle relevante informatie beschikt, zal worden opgevat als schadelijk voor de goede naam van het accountantsberoep of, in de terminologie van de VGBA: het accountantsberoep in diskrediet brengend.
In casu is niet aannemelijk geworden dat de betrokken accountants zich in strijd met deze tuchtrechtelijke norm hebben gedragen. Klacht is ongegrond.

 

Procedurenummer 16/1328 Wtra AK
Betrokkene heeft voor zijn broer de aangifte inkomstenbelasting gedaan. Daarbij is betrokkene uit gegaan van de bedragen die zijn broer heeft opgegeven. Betrokkenen heeft niet om een toelichting gevraagd en zich derhalve evenmin een oordeel gevormd over de juistheid van de bedragen. Betrokkene was ervan op de hoogte dat de door hem opgestelde stukken zouden worden ingebracht in een gerechtelijke procedure over de door zijn broer te betalen alimentatie. Betrokkene heeft gehandeld in strijd met de fundamentele beginselen van integriteit, objectiviteit, en vakbekwaamheid en zorgvuldigheid. Maatregel van berisping.