Procedurenummer 13/2891 Wtra AK
Niet-ontvankelijk; driejaarstermijn

Procedurenummer 14/847 Wtra PE
PE-klacht over cyclus 2010-2012. Accountant in business. Tekort 20 PE-punten; onvoldoende registreren; niet adequaat reageren naar beroepsorganisatie. Waarschuwing en geldboete € 1.000,=.

Procedurenummer 13/1326 en 13/1327 Wtra AK
Ingevolge de tussenbeslissing van 20 januari 2014 (ECLI:NL:TACAKN:2014:7), waarbij het beroep van betrokkenen op hun geheimhoudingsverplichting is gepasseerd, zijn betrokkenen in de gelegenheid gesteld hun verweer aan te vullen. Na voortzetting van het debat van klagers en betrokkenen komt de Accountantskamer, gelet op het bepaalde in de artikelen 13 en 14 van de NVCOS 4410 en de in dat kader aan de samenstellend accountant toekomende mate van ruimte en vrijheid (ofwel ‘professional judgement’), tot de conclusie dat klagers onvoldoende hebben aangevoerd om voor aannemelijk te houden dat betrokkenen de door hen verkregen gegevens niet alsnog voor voldoende aannemelijk mochten aanvaarden en niet tot het afgeven van hun samenstellingsverklaringen hadden mogen komen.

Procedurenummer 13/2220 Wtra AK
Kantoortoetsing. Einduitspraak op Nba-klacht over tekortschietend stelsel van kwaliteitsbeheersing binnen het kantoor van betrokkene. In de tussenbeslissing van 14 februari 2014 (zie: ECLI:NL:TACAKN:2014:15) is de verdere behandeling van de klacht aangehouden om die praktijk opnieuw een hertoetsing te doen ondergaan. In die hertoetsing is vastgesteld dat de getoetste dossiers thans aan de eisen voldoen en dat over de praktijk van betrokkene een positief eindoordeel kan worden gegeven. Een en ander leidt tot gegrondverklaring van de klacht dat betrokkene in december 2011 het stelsel van kwaliteitsbeheersing niet op orde had. Daarnaast is gegrond de klacht dat betrokkene over de cycli van 2007 tot en met 2009 en van 2010 tot en met 2012 te weinig PE-punten heeft behaald. Een en ander leidt tot de maatregelen van tijdelijke doorhaling voor de duur van 2 weken en een geldboete van € 950,00.

Procedurenummer 13/2338, 13/2340, 13/2341 Wtra AK
Klacht van het OM tegen drie accountants als uitvloeisel van een strafonderzoek naar subsidiefraude door directie van een zorginstelling. Verweer dat het OM niet gerechtigd was de gegevens uit dat onderzoek aan de tuchtrechter voor te leggen is ongegrond, gelijk het verweer dat zo’n gegevensverstrekking een schending oplevert van artikel 6 EVRM. De accountant die de stichting bijstond als administrateur/adviseur heeft zich, anders dan hij meent, beziggehouden met samenstelwerkzaamheden waarop NVCOS 4410 van toepassing was. Die accountant had dan ook dieper moeten ingaan op het ontbreken van een behoorlijke kasadministratie bij de zorginstelling; zijn nalaten moet worden aangemerkt als een schending van het fundamentele beginsel van deskundigheid en zorgvuldigheid. Het verwijt dat diezelfde accountant ten onrechte heeft nagelaten een ongebruikelijke transactie in de zin van de Wwft te melden is ongegrond. De klacht tegen de twee controlerend accountants dat zij hun controlewerkzaamheden met onvoldoende diepgang hebben uitgevoerd is gegrond. Die controle is niet afgestemd op de gebruiker, is voorafgegaan door een inadequate risicoanalyse, kent een tekortschietende opzet en is onvoldoende diepgravend. De aan ieder toe te rekenen leidt tot de maatregel van waarschuwing aan eerstbedoelde accountant en tot de maatregel van berisping aan ieder van de controlerend accountants.

Procedurenummer 14/89 Wtra AK
Beklaagde accountant niet tuchtrechtelijk verantwoordelijk voor handelen of nalaten van kantoorgenoot en/of medewerkster van zijn kantoor.

Procedurenummer 14/13 Wtra AK

Betrokkene krijgt opdracht om in verband met geschil over project vast te stellen dat in financiële overzichten opgenomen geldstromen en rekening courant posities juist zijn. Hij geeft daarna een mededeling af die onder meer inhoudt dat zijn opdrachtgeefster een “aanvullende vordering” op een derde heeft. Deze mededeling is door de opdrachtgeefster ingebracht ter onderbouwing van haar verweer in door derde aangespannen faillissementsprocedure.

Door bij afgeven mededeling alleen af te gaan op informatie opdrachtgeefster kan niet worden uitgesloten dat de mededeling een deugdelijke grondslag ontbeert. Door alleen op die basis de mededeling af te geven heeft betrokkene zich niet gehouden aan de gedragsregel dat hij iedere situatie vermijdt, die zijn professionele oordeelsvorming op ongepaste wijze beïnvloedt. Dat klemt te meer nu betrokkene wist of kon vermoeden dat de mededeling door de rechter in diens oordeelsvorming zou kunnen worden betrokken. In een dergelijke situatie moet de accountant ervoor zorgdragen dat hij, ook als hij een partijbelang dient, met zijn oordeel de objectieve oordeelsvorming door de rechter niet belemmert.

Procedurenummer 14/781 Wtra AK

Accountant die belastingaangiften van klager die in 2009 met fysiotherapiepraktijk is gestart heeft verzorgd/verantwoordelijk was voor die aangiften, en die wist dat de praktijk in 2009 en 2010 geen omzet heeft behaald, in 2011 de eerste patiënt heeft behandeld en in 2012 een omzet van € 600,-- heeft behaald, had klager duidelijker dan hij heeft gedaan (door te schrijven dat de fiscus afwijkende standpunten kan innemen) erop moeten wijzen dat de kans aanwezig was dat klager door de fiscus niet als ondernemer zou worden beschouwd en welke gevolgen dit had/kon hebben voor de ingediende/in te dienen aangiften en had klager moeten voorstellen om in overleg te treden met de fiscus.

Procedurenummer 14/152 Wtra AK
Ter zitting gedane aanvulling op de klacht is ontoelaatbaar. Vergeefs beroep op verjaring. Onvoldoende aannemelijk is geworden dat betrokkene onvoldoende aandacht heeft gehad voor een inbreng. Ongegronde klacht over het niet vermelden van verbonden partijen en over tekortschieten in onafhankelijkheid en objectiviteit. Klacht over beantwoording van vragen is evenwel gegrond omdat die beantwoording als misleidend kan worden ervaren, terwijl betrokkene had moeten beseffen dat hij met die beantwoording (tevens) het algemeen belang had te dienen. In zoverre sprake van schending van het fundamentele beginsel van integriteit. Volgt maatregel van waarschuwing