Procedurenummer 17/1379 Wtra AK
Betrokkene heeft zich aanvankelijk tegenover een van de belanghebbenden bij een entiteit gepresenteerd als adviseur van de andere belanghebbende nadat tussen hen beide geschillen waren gerezen. Vervolgens accepteert hij de opdracht tot het samenstellen van de jaarrekening van de entiteit en is hij aanwezig op de algemene vergadering waarop die jaarrekening wordt besproken. Onder deze omstandigheden moet een accountant extra bedacht zijn op naleving van alle fundamentele beginselen en in het bijzonder op het beginsel van objectiviteit. Schending 21 VGBA want bedreigingen en maatregelen niet schriftelijk vastgelegd. Schending van het fundamentele beginsel van objectiviteit en dat van vakbekwaamheid en zorgvuldigheid. Berisping.

Procedurenummer 18/258 Wtra AK
Voorzittersbeslissing. Klacht niet-ontvankelijk wegens overschrijding zesjaarstermijn en het ne-bis-in-idem-beginsel.

 

Procedurenummer 16/1369 Wtra AK
Betrokkene heeft onvoldoende controlewerkzaamheden verricht ter zake de continuiteitsveronderstelling van het bestuur van de onderneming en zich daarbij onvoldoende professioneel-kritisch opgesteld. Ten onrechte heeft betrokkene niet beoordeeld of het afschaffen van een onderhoudsvoorziening kwalificeerde als stelselwijziging als bedoeld in RJ 140. Uitleg van artikel 7, lid 6 van de Regeling verslaggeving WTZi inzake het al dan niet consolideren van een ‘steunstichting’.

Procedurenummer 17/1388 Wtra AK
Een accountant die bestuurder is van een onderneming, maakt bij het uitoefenen van het bestuur van een onderneming gebruik van zijn vakbekwaamheid als accountant. Hij verricht in die functie dan ook een professionele dienst als bedoeld in de VGBA, zodat op zijn gedragingen als bestuurder alle fundamentele beginselen van de VGBA van toepassing zijn.

 

Procedurenummer 18/102 Wtra AK
Voorzittersbeslissing ex art. 39 Wtra. Klacht kennelijk niet-ontvankelijk i.v.m. overschrijding 3-jaarstermijn.

 

Procedurenummer 17/1313 Wtra AK
Klacht gedeeltelijk te laat ingediend. Voor zover de klacht wel tijdig is ingediend is de klacht na de weerspreking door betrokkene onvoldoende feitelijk onderbouwd en daarom ongegrond.

 

Procedurenummer 17/670 Wtra AK
Klacht voor een deel niet-ontvankelijk vanwege overschrijding van de driejaarstermijn en voor het overige onvoldoende onderbouwd en dus ongegrond. Ter zitting aangevoerd verwijt is een ontoelaatbare aanvulling van de klacht aangezien betrokkene daardoor onvoldoende gelegenheid heeft gehad om zich tegen dit verwijt te verweren.

Procedurenummer 17/716 Wtra AK
De eisen van een behoorlijke tuchtprocedure brengen volgens vaste jurisprudentie van de Ack met zich dat een klager klachten die hun grondslag vinden in een bepaald feitencomplex, waarvan klager kennis draagt, zo veel mogelijk tegelijk in één tuchtprocedure aanhangig maakt althans dat hij voorafgaand aan de mondelinge behandeling van een eerder ingediende klacht zijn overige klachten over hem bekend handelen of nalaten indient. Klacht gedeeltelijk niet-ontvankelijk.

Procedurenummers 17/1778 en 17/1779 Wtra AK
Beperkte opdracht van de accountant die een beoordelingsopdracht uitvoert. Voldoende werkzaamheden uitgevoerd ten aanzien van een verbonden partij. Onjuiste opvatting van klagers dat bij een in de jaarrekening opgenomen reserve of een voorziening groot onderhoud, daarvoor ook voldoende liquide middelen aanwezig moeten zijn.

 

Procedurenummer 17/1063 Wtra AK
Betrokkene is de controlerend accountant van een vereniging ter bevordering van crematie en van de B.V. waarin die vereniging haar zakelijke activiteiten heeft ondergebracht en van de B.V. die uiteindelijk de aandelen in voormelde vennootschap heeft overgenomen. De klacht betreft de door de accountant afgegeven goedkeurende verklaringen inzake voormelde vennootschappen over het jaar 2012 en de veronderstelling dat betrokkene ten onrechte geen melding in het kader van de Wwft aan het FIU heeft gedaan. Ter zitting kan de klacht niet worden uitgebreid inzake de goedkeurende verklaring die betrokkene heeft afgegeven inzake de jaarrekening 2012 van de vereniging en zijn veronderstelde rol bij voormelde aandelentransactie. Klager heeft niet aannemelijk gemaakt dat betrokkene ten onrechte goedkeurende verklaringen heeft afgegeven bij de jaarrekeningen 2012 van voormelde vennootschappen. Klager heeft ook niet aannemelijk gemaakt dat, daargelaten of er daarvoor aanleiding was, betrokkene geen melding inzake de Wwft bij het FIU heeft gedaan. Betrokkene beroept zich terecht op zijn geheimhoudingsverplichting ingevolge de Wwft over de vraag of hij een melding heeft gedaan. Klager kan niet door het indienen van een tuchtklacht betrokkene dwingen daarover inlichtingen te verschaffen (geen “fishing expedition”).