Procedurenummers 16/2722, 16/2731, 16/2732 en 16/2733 Wtra AK
Niet betaling eerder opgelegde geldboete van € 1.000,=. Geen recidive. Alsnog ambtshalve tijdelijke doorhaling in het register voor de duur van 1 maand.

 

Procedurenummer 16/1833 Wtra AK
Betrokkene heeft stukken bij klaagsters opgevraagd ten behoeve van het uitvoeren van haar werkzaamheden. Klaagsters hebben niet aannemelijk gemaakt dat betrokkene deze stukken ten onrechte heeft opgevraagd en ook niet dat zij tijdig alle gevraagde stukken aan haar hebben overgelegd. Betrokkene heeft zich er daarom terecht op beroepen dat zij vanwege het ontbreken van de benodigde stukken haar werkzaamheden niet tijdig heeft kunnen afronden. Klacht dat werkzaamheden niet tijdig zijn verricht is dan ook ongegrond. Ook de klacht dat ten onrechte meerwerk in rekening is gebracht is ongegrond. Er is wel een afspraak gemaakt over de verschuldigde bedragen maar van het niet nakomen daarvan kan betrokkene gezien het oordeel over de eerste klacht geen verwijt worden gemaakt.

 

Procedurenummer 15/622 Wtra AK
Vervolg op tussenbeslissing van 20 mei 2016, waarbij de klacht voor een klein deel ontvankelijk is verklaard. Thans eindoordeel waarin de klacht, voor zover ontvankelijk, gedeeltelijk gegrond wordt verklaard. Onvoldoende zorgvuldig onderzoek bij controle van een vordering op verbonden partijen.

Procedurenummer 16/848 Wtra AK
Rapportage waardebepaling van aandelen, waarvan duidelijk is dat deze rapportage in een civiel geding zou worden ingebracht tussen verkoper en koper inzake een geschil m.b.t. die waarde. Betrokkene heeft zonder goede reden een latere waardepeildatum, en niet de waarde per transactiedatum, voor zijn waardering/rapportage aangehouden en niet in zijn rapportage toegelicht waarom hij deze afwijkende, latere datum heeft aangehouden en ook niet toegelicht wat de invloed van gebeurtenissen na transactiedatum op de door hem bepaalde waarde heeft gehad. Betrokkene heeft zijn verantwoordelijkheid om steeds ook in het algemeen belang te handelen verzaakt en zodoende in casu de civiele rechter niet in staat gesteld bij het beslechten van het geschil objectieve waarheidsvinding toe te passen.
Ten onrechte heeft betrokkene bij zijn waardering van de aandelen op basis van de APV-methode nagelaten de bedrijfsleiding te bevragen over toekomstig bedrijfsbeleid en daarmee verband houdende kasstromen.
Klaagsters standpunt dat bij een minderheidsbelang altijd rekening dient te worden gehouden met een minority discount, is onjuist.
Waarschuwing.

Procedurenummer 16/1440 Wtra AK
Partijaccountant die een aankoop van (de aandelen van) een onderneming begeleid. Klacht door de wederpartij van zijn cliënt over zijn contacten namens zijn cliënt met die wederpartij. Toetsingscriterium voor dat handelen.
Klacht ongegrond.

 

Procedurenummers 16/314, 16/315, 16/316 en 16/317 Wtra AK
Klacht tegen accountant aan wie eerder onherroepelijke maatregel van doorhaling van de inschrijving gedurende 24 maanden was opgelegd (12/1922 Wtra AK) niet-ontvankelijk verklaard in hoofdzaak op grond van het ne bis in idem-beginsel en overigens op grond van overschrijding van de driejaarstermijn van artikel 22 Wtra en strijd met het beginsel van concentratie van klachten. Klachten tegen twee andere accountants grotendeels niet-ontvankelijk wegens overschrijding van de driejaarstermijn. Klacht tegen vierde accountant inhoudend dat hij niet direct afstand heeft genomen van handelen van een van de andere accountants ongegrond.

 

Procedurenummer 16/1226 Wtra AK
Geklaagd wordt over handelen van anderen dan betrokkene, waarvoor betrokkene niet vaktechnisch verantwoordelijk kan worden gehouden. Daarom is hij daarop niet tuchtrechtelijk aanspreekbaar ( zie de uitspraak van het CBb van 22 april 2014; ECLI:NL:CBB:2014:158) en is de klacht ongegrond.

 

Procedurenummer 16/753 Wtra AK
Verklaring over realiseren deel premieplichtige loonsom van klant betrokkene, toegevoegd aan verzoek van die klant om toestemming voor ontslaan klager, niet onjuist. De brief opgesteld door betrokkene en toegevoegd aan verzoek van diezelfde klant om toestemming voor ontslaan andere medewerkers niet aannemelijk geworden. In beide stukken staan wel omissies maar niet zodanig ernstig dat betrokkene daarvan een gegrond tuchtrechtelijk verwijt kan worden gemaakt.

Procedurenummer 16/1029 Wtra AK
Bij het opstellen van de publicatiestukken van een vennootschap heeft betrokkene een aantal jaren lang niet opgemerkt dat een regel met de post agioreserve niet is opgenomen als onderdeel van het eigen vermogen. Dat is in strijd met het fundamentele beginsel van deskundigheid en zorgvuldigheid als bedoeld in artikel A-100.4 onder c. van de VGC en het fundamentele beginsel van vakbekwaamheid en zorgvuldigheid als bedoeld in artikel 2 onder d van de VGBA.

Procedurenummer 16/1532 Wtra AK
Een accountant die vanwege een mogelijke fraude bij een cliënt waarvan hij de jaarrekening aan het beoordelen is, een advies uitbrengt aan zijn cliënt over de persoon van een in te schakelen deskundige die onderzoek naar die fraude moet instellen, moet gedegen en zorgvuldig te werk gaan. In dit geval heeft betrokkene gesteld dat hij destijds niet op de hoogte was van het negatieve nieuws omtrent de persoon die hij heeft aanbevolen, terwijl wel van hem verlangd kon worden dat hij een oordeel had gegeven over diens bekwaamheid mede aan de hand van de beschikbare actuele gegevens (waaronder een uitspraak van de Accountantskamer waarbij aan die persoon een berisping is opgelegd) omtrent diens reputatie.
Betrokkene heeft ter zitting erkend dat elk van de zeven onderwerpen, waarnaar op grond van de opdracht aan de persoon die betrokkene had aanbevolen, onderzoek moest worden gedaan, van belang konden zijn voor het bestaan van fraude, en voorts dat in de bevindingen van het conceptrapport van deze persoon aan vijf van die zeven onderwerpen zonder enige motivering geen woord wordt gewijd, mocht betrokkene niet zonder meer uitgaan van de juistheid van de conclusie van het conceptrapport, luidende ‘dat geen informatie naar boven was gekomen die van belang is voor de beoordeling van de jaarrekening door de externe accountant en dat niet was gebleken van een ernstige integriteitsinbreuk van de huidige bestuurders met mogelijke consequenties voor de aanpak van de accountant’.
Betrokkene heeft ook niet zelf aan de hand van de bevindingen van de opsteller van het conceptrapport vastgesteld, laat staan vastgelegd dat de door deze opsteller verrichte werkzaamheden in het kader van het doel van de beoordelingsopdracht toereikend waren, terwijl   nu hij de conclusie uit het conceptrapport wel voor die beoordelingsopdracht heeft gebruikt   hij dit volgens het bepaalde onder 16 van Standaard 2400 van de NVCOS wel had moeten doen. Tot twee maal toe strijd met het fundamentele beginsel van deskundigheid en zorgvuldigheid.
Berisping.