Procedurenummer 13/2508 Wtra AK
Kantoortoetsing. In de bevindingen van de toetsers en het verweer van betrokkene wordt aanleiding gezien om op kosten van betrokkene de praktijk van betrokkene op korte termijn opnieuw te toetsen. In afwachting van de uitkomst daarvan wordt de beslissing in de tuchtzaak aangehouden.

Procedurenummer 12/2451 Wtra AK
Accountant geeft in juni 2011 goedkeurende verklaring af bij jaarrekening over 2010 van twee vennootschappen die deel uitmaken van een groep. Een van deze vennootschappen (die zelf niet controleplichtig is) heeft als nagenoeg enig actief een stuk grond in de gemeente X. De bestemming van deze grond was ten tijde van de aankoop van de grond akkerbouw. In 2006 is de bestemming van de grond gewijzigd in bedrijfsdoeleinden. In de jaarrekening over dat jaar is de grond voor het eerst gewaardeerd op basis van de actuele waarde die hoger ligt dan de kostprijs. In verband met deze waardevermeerdering is in de jaarrekening over 2006 een herwaarderingsreserve gevormd. In 2008 is de grond getaxeerd door een externe taxateur.(Mede) op basis van deze taxatie is de waarde van de grond in de jaarrekening over dat jaar nog iets verhoogd, onder gelijktijdige aanpassing van de herwaarderingsreserve. In 2009 zijn de aandelen van de vennootschap waarvan de grond nagenoeg het enige actief is, tegen de nettovermogenswaarde verkocht aan een andere vennootschap die ook deel uitmaakt van de groep. De uiteindelijke aandeelhouder bleef de grootmoedervennootschap. De met de verkoop van de aandelen samenhangende schuld is gecedeerd aan de grootmoedervennootschap die op haar beurt de vordering heeft omgezet in agio, die als agioreserve is verantwoord in de jaarrekening van de kopende vennootschap. Deze laatste vennootschap is in februari 2012 op eigen aangifte failliet verklaard. Een maand later worden ook de vennootschap met de grond en de grootmoedervennootschap failliet verklaard.Klacht houdt onder meer in dat de controlerend accountant over te weinig controle-informatie beschikte ten aanzien van de waardering van de grond en ten onrechte heeft ingestemd met de beslissing om de agioreserve niet als wettelijke reserve deelneming aan te merken. Beide klachtonderdelen zijn gegrond. De accountant had zich expliciet moeten afvragen of er een reële kans bestond dat het optimale ontwikkelingsscenario waarvan de externe taxateur in 2008 is uitgegaan, dat voorzag in splitsing van de grond in drie percelen en de bouw van een hal op elk van deze percelen, op afzienbare termijn werkelijkheid kon worden. Daartoe diende hij niet alleen te beschikken over de prijzen van door de gemeente X uitgegeven en uit te geven grond en acht te slaan op de verkoop en levering van vergelijkbare percelen, maar ook zicht te hebben op de feitelijke ontwikkeling van het bedrijventerrein en op het tempo waarin deze zich sedert de wijziging van de bestemming van de grond had voltrokken. Deze benadering was te meer aangewezen door het nog altijd voortduren van de kredietcrisis. De accountant ontbeerde dat zicht en daardoor was zijn oordeel over de aanvaardbaarheid van de waardebepaling van de grond ontoereikend gemotiveerd. Nu het om informatie van materieel belang ging, was er onvoldoende grondslag voor het afgeven van de goedkeurende verklaring.
Voor het inzicht dat de jaarrekening volgens artikel 2:362 lid 1 van het BW moet bieden, is het noodzakelijk dat bij elke rechtspersoon die deel uitmaakt van een groep rechtspersonen, gekozen wordt voor dezelfde waarderingsgrondslagen. Gelet daarop en op het feit dat er in de jaarrekening van de grootmoeder over 2010 net als in de jaarrekeningen van de grootmoeder over de jaren daarvoor een herwaarderingsreserve was opgenomen in verband met de waardevermeerdering van de grond, had die reserve ook moeten worden opgenomen in de jaarrekening van de vennootschap die de nieuwe aandeelhouder was geworden van de vennootschap die de grond als nagenoeg enig actief had. Het opnemen van een agioreserve is daarmee in strijd. Dat klemt te meer nu een agioreserve wel en een herwaarderingsreserve niet tot de vrij uitkeerbare reserves behoort en de waardevermeerdering van de grond pas feitelijk wordt gerealiseerd bij verkoop van de grond.  
Berisping.   

 

Procedurenummer 13/1744 Wtra AK
Klachten in verband met pogingen om klanten van een directe concurrent ertoe te bewegen, over te stappen naar het kantoor van de zoon van betrokkene. Betrokkene is ingeschreven als accountant in business. Hij verricht voor de onderneming van zijn zoon onder meer aan assurance verwante opdrachten. Daardoor kwalificeerde hij ten tijde van belang als openbaar accountant. Bij benaderen klanten concurrent is gebruik gemaakt van een lijst met klanten die voor een geheel ander doel was verstrekt. Het deelnemen aan een gesprek met een klant door betrokkene is gelet hierop, in strijd met de fundamentele beginselen van integriteit en professioneel gedrag. Door niet te voorkomen dat het kantoor van de zoon van betrokkene gebruik maakte van de hiervoor bedoelde lijst, heeft betrokkene ook het voorschrift van artikel B1-291.2 van de VGC (voorkomen dat beleid in strijd met de VGC wordt gevoerd) overtreden. Berisping.

Procedurenummer 13/1724 Wtra AK

Accountant verricht de controle van de verantwoording van de besteding van een voor het jaar 2011 aan een stichting toegekende financiële bijdrage als tegemoetkoming in de kosten van het functioneren van een fractie in de stadsdeelraad. De Verordening fractieondersteuning bepaalt dat elke fractie jaarlijks een bijdrage ontvangt. 90% daarvan wordt in januari van het betreffende jaar uitgekeerd. Het restant wordt pas uitgekeerd indien en voor zover is voldaan aan de verantwoordingsverplichting. De stadsdeelraad heeft de eindsaldi van de vergoedingen over 2010 in januari 2012 vastgesteld. Daarna wordt de resterende 10% van de vergoeding voor 2010 uitbetaald. De accountant rekent deze 10% tot de reserve van de stichting op 1 januari 2011. Over dat standpunt ontstaat een verschil van mening met de stichting. De klacht dat het standpunt van betrokkene het resultaat is van ongepaste beinvloeding door de waarnemend griffier van de stadsdeelraad is niet aannemelijk geworden. Ook de klacht dat betrokkene zich had moeten conformeren aan het andersluidende standpunt van de stichting faalt. Zijn standpunt is in overeenstemming met de toepasselijke algemene regels van financiële verslaglegging.

Procedurenummer 13/2327 Wtra AK
Kantoortoetsing met negatieve uitslag. Doorhaling voor de duur van 18 maanden.

Procedurenummer 13/2220 Wtra AK
Kantoortoetsing. Tijdsverloop tussen toetsing, eindoordeel en indienen klacht leidt, gelet op het niet voor kennelijk onaannemelijk te houden verweer van betrokkene, tot een nieuwe hertoetsing van de praktijk van betrokkene. In afwachting van de uitkomst daarvan wordt de verdere behandeling van de tuchtzaak aangehouden.

Procedurenummer 13/2221 Wtra AK
Kantoortoetsing. Tijdsverloop tussen toetsing, eindoordeel en indienen klacht leidt, gelet op het niet voor kennelijk onaannemelijk te houden verweer van betrokkene, tot een nieuwe hertoetsing van de praktijk van betrokkene. In afwachting van de uitkomst daarvan wordt de verdere behandeling van de tuchtzaak aangehouden.

Procedurenummer 13/2336 Wtra AKKlacht door de Accountantskamer tegen betrokkene gegrond verklaard met oplegging van maatregelen. Betrokkene gaat in appel, maar overlijdt hangende appel. Raadsman trekt appel “voor zover noodzakelijk” in. Het CBb verklaart daarop het dossier “gesloten”. Hierdoor wordt de uitspraak van de Accountantskamer definitief. Desalniettemin weigert de voorzitter van de Accountantskamer een last tot tenuitvoerlegging.

Procedurenummer 13/1465 Wtra AK
Accountant komt in contact met een van de aandeelhouders tevens bestuurder van een beginnende onderneming en laat in maart 2012 aan alle aandeelhouders weten dat hij bereid is diensten aan de onderneming te verlenen. Een van de andere aandeelhouders die ook bestuurder is, had eerder te kennen gegeven dat hij zijn aandelen wil overdragen. De overige aandeelhouders spreken de intentie uit dat betrokkene de voorkeur geniet boven andere partijen om een zakelijke relatie mee aan te gaan en aan wie opdrachten worden verstrekt. Betrokkene heeft daarna financieringsaanvragen ingediend bij twee banken.
Er ontstaan spanningen tussen de overblijvende aandeelhouders enige tijd later resulterend in het ontslag van de bestuurder met wie betrokkene contact had.
Betrokkene stuurt aan de onderneming een factuur voor zijn werkzaamheden. Op het verzoek om een overeenkomst te tonen waaruit blijkt dat de factuur gerechtvaardigd was, stuurt hij een opdrachtbevestiging voor het samenstellen van de jaarrekening van de onderneming die in februari 2012 is ondertekend door de bestuurder/aandeelhouder met wie betrokkene contact had. De factuur ziet in hoofdzaak op advieswerkzaamheden waarvan een deel is verricht voor de ondertekening van de opdrachtbevestiging.
De opdrachtbevestiging is gezien de statuten van de onderneming onbevoegd verstrekt. Accountant moet op grond van de fundamentele beginselen van integriteit, deskundigheid en zorgvuldigheid en professioneel gedrag voorkomen dat er misverstanden ontstaan over een aan hem verstrekte opdracht. Daarom had betrokkene er in de omstandigheden van dit geval op bedacht moeten zijn dat niet aan alle werkzaamheden die hij heeft gefactureerd een bevoegd gegeven opdracht ten grondslag lag. Klacht in zoverre gegrond. Hiermee is niet gezegd dat betrokkene geen aanspraak heeft op voldoening van de factuur.
In een van de door betrokkene verzorgde financieringsaanvragen is de aandelenverhouding in de onderneming onjuist vermeld. De redenen die betrokkene daarvoor aanvoert vormen onvoldoende rechtvaardiging voor deze onjuiste vermelding. Klacht ook in zoverre gegrond.
Waarschuwing.